dinsdag 20 januari 2009

MissedPartsDay

Het lijkt een ongelooflijke luxe om dit verslag van op mijn eigen appletje met een normaal azerty-klavier, in comfy kleren en met zelfgekozen achtergrondmuziek/radio toontje te kunnen schrijven. De voorbije weken was het telkens typen op steeds verschillende pc's, omgeven door andere internet'ers die ervoor zorgden dat ik al eens vaak een zin in de helft kwijt was omdat mijn gedachten afgeleid werden door hun engels/spaans/duits/scandinavisch/in onverstaanbare taal gepraat. 

Ik mis nog een verslag van de laatste 3 dagen; awel, here we go!

Donderdag wilden we spenderen aan het aanvullen van de overgeslagen delen van de stad.
De gebouwen die we nog op film/fotocamera wilden vastleggen zouden die dag door ons vakkundig oog op de kaart van Melbourne aangeduid worden om dan de belangrijkste punten met elkaar te verbinden en een zo efficiënt mogelijke dagindeling op te stellen om van punt A over B naar C te gaan -om dan te eindigen bij de Z (van zee).
Echt.
Maar eerst moesten we toch echt naar de Queen Victoria Market omwille van haar historische belang, prachtige gebouw met fabuleuze architectuur en onmiskenbare belangrijkheid in het bestaan van Melbourne. Aangezien mijn overduidelijke eerlijkheid het mij verplicht moet ik toegeven dat al het vorige eigenlijk verzonnen is om te verbergen dat we die voormiddag weer goed veel geïnvesteerd hebben in de economie van Melbourne's soevenir-business. Maar ik ben dus blijkbaar niet goed in het volhouden van mijn verzinsels. 
Het prachtige gebouw was een combinatie van gewone hangars -wel oude, van zwart staal- en enkele nieuwere gebouwen in oude stijl volgestouwd met hetzij kraampjes vol soevenirs, kleren, fruit & groenten en deli's vol griekse of exotischer delicatessen.
We hebben zo'n beetje overal onze neus eens ingestoken en hier en daar enkele spreekwoordelijke dollars laten rollen om de nodige impressie's op te doen. Alles in functie van de herinnering en de volledigheid van ons bezoek aan de markt.

Toen het voor de marktkramers tijd was om hun boeltje weer in te pakken, was het voor ons tijd om onze tocht verder te zetten richting centrum.   
Via Williams Street langs de Stock Market (de beurs) -waar we niet veel van zagen en bijna weggeblazen werden door de wind of onder voet gelopen werden door zakelijke werkmensen in zwartwit pak- naar de Collins Street en Little Bourke -de meest Europese straat van Melbourne omwille van de vele eerder Europese gebouwen- door om te eindigen in ons internet café van de alleralleràllereerste dag. Diegene die het café openhield (hoe zeg je dat in 1 woord?) was nog steeds dezelfde over een leuke humor beschikkende laid-back kerel die duidelijk plezier had in zijn job en het voor de gek houden van zijn klanten. Eigenlijk leek hij wel een beetje op mij :)

Na een uurtje foto's en muziek uitwisselen zodat zowel cé als ik alle foto's hadden en we elkaar dus niet zouden chanteren om bepaalde foto's wel of niet publiek te maken, had mijn lichaamstemperatuur een zodanig laagepunt bereikt door de airco dat er maar 1 alternatief opzat: naar het strand om op te warmen!
Maar dat was buiten de wind gerekend... Ik vol overmoed met badpak en strandlaken, vooraf nog eens extra ingesmeerd, naar het strand. Heel lady-alike geïnstalleerd met de handdoek, zonnebril op een LEEG strand. Al die zogezegde stoere Aussie's hadden het al snel voor bekeken gehouden omdat het eigenlijk nogal "koud" was maar ik hield stand, ik had iets te bewijzen in naam van het sterke Belgische 24-jarige jonge vrouwenras :).
Het volle uur later kwam céline mij gelukkig bevrijden; ik was ondertussen een klein beetje bevroren en had meer zin in een warme chocomelk dan in het ijsje dat zij net ophad. 

Gelukkig is onze hostel vlakbij het strand en konden we snel onze pasta met saus gekocht door Céline gaan klaarmaken. Het enige probleem was de saus want Cé had om een nog duistere reden gekozen voor de bolognese+red wine-saus gekozen; bijna dezelfde als diegene die we op de eerste nacht op de camping in Tasmanië dankzij onze puppy-ogen bemachtigden. Vrij begrijpelijk dat ik dus enkele minuten later met ietwat lange tanden en een klein hapje aan onze maaltijd begon. Al bij al was het nog wel een lekkere "plat", vooral doordat de engelsen die naast ons aan het eten waren zoveel lawaai maakten dat ik zelfs niet kon nadenken over of het nu wel of niet echt lekker was :).

Ik ben vergeten vertellen over het deur-incident van een paar dagen geleden. Cé had besloten om eens uit te zoeken op welke manier ze ons zo snel mogelijk kon buitensluiten, zonder de beide sleutels te verliezen (wat in haar geval eigenlijk nog niet zo'n moeilijk realiseerbaar scenario was). Door een magische truc met haar sleutel -lees: een beetje te veel de verkeerde kant uitdraaien ofzo- kregen we die er helemaal niet meer uit, de receptioniste van dienst kon niet veel meer spierkracht dan ons bewijzen. Dus was het door het raam de kamer in, 1 aan de ene en 1 aan de andere zijde van de deur duwen en trekken en prutsen aan het slot. Uiteindelijk een onnodig gebruik van onze zo al niet overdreven aanwezige armspieren.
Gelukkig hadden we dus een kamer met raam op het "deck" = mini-binnenplein waar rond de hostel gebouwd was en dat gebruikt werd als rookzone.
Die avond kregen we dus af en toe een rare blik van het rokersras dat buiten hun longen van de nodige nicotine voorzag toen cé of ik op een zo elegant mogelijke manier door ons raam naar binnen kroop. Ik had mij ondertussen al geoefend op het nonchalant ophalen van de schouders en het vermelden van het feit dat onze deur niet meer openging, hetgeen meestal het gehoopte medelijdende antwoord als reactie opleverde en we konden in elk geval op de sympathie van de medebewoners rekenen.
De volgende ochtend was het al gedaan met het tentoonstellen van onze Vlaamse lenigheid en werden we gered door Jeff die een nieuw slot kwam installeren. Hij was zodanig in de ban van onze charme dat hij dat eventje snel in orde kwam brengen! Een knip van de vingers en het was in orde.

Tot zover de spannende avonturen tot en met donderdag.
Rest volgt na wat nachtrust

woensdag 14 januari 2009

GORDay

Wow, ik ben nog nooit zo snel geweest met het schrijven van een verslag. Denk ik.
Situatieschets: ik zit nu in de hostel aan de computer; beneden op het 'dek' zitten enkele andere bewoners mee te kelen met de muziek, hetgeen vrij afleidend is... maar op een grappige manier.

We zijn net terug van de Great Ocean Road-tour en zijn al van 6u wakker, pijnlijk.
Toen de wekker afging was het van "potvolkoffie" of een ander scheldwoord en alles kraakte onheilspellend toen we opstonden. Met kleine oogjes aan het ontbijt en om 7u stonden we mooi op tijd aan de voordeur om opgepikt te worden door het shuttle busje dat ons naar de tour-operator moest brengen.
Op dat vroege uur was het hier al 30 graden, het beloofde nog warmer te worden dan gisteren.
Ik weet niet of dat nu ook effectief ook het geval is. En heb ook geen zin om het aan de persoon naast mij te vragen, het maakt niet zoveel uit.
Voor ons kwam het goed uit om langs de kust te rijden en verfrist te worden door de frisse zeewind want het was gisteren iets te verstikkend warm.

In een busje met een 15 man ging het langs de kust van het ene uitzichtpunt naar het andere. Eigenlijk was het een beetje vergelijkbaar met wat wij in Tasmanie hebben gedaan met dat verschil dat we toen zelf reden en dat we onderweg belangrijke gespreksonderwerpen als politiek en de wereldproblematiek aankaartten. Nu werden we gereden door Bernie die tegen de regering was en tegen de vervuiling en tegen de mensen die hun kinderen voor tv lieten zitten en die al sinds jaar en dag tours begeleidde.
Van hoogst importante gesprekken was hier geen sprake want er stond muziek op en wij moesten ons best doen om de ogen in open positie te houden.
Bernie smeet er het ene grapje na het andere tussen om ons wakker te houden, maar ik vond het toch niet zo'n hyperenthousiast gezelschap. Een beetje energy-drank had hier niet misstaan.
Al bij al was het een vermoeiende tour al hebben we niet echt iets moeten doen buiten uitstappen, filmen en instappen, lachen met de grapjes en uit het raam kijken.

Trouwens, de eerste kangoeroe's gespot! Ook meteen 3 koala's gezien, mijn dag kon niet meer stuk :) Ben dan toch niet voor niets naar hier gekomen en het hele kangoeroe-verhaal is dus niet gewoon een slecht marketing-trucje.

Arround&BeachDays

Een mens krijgt zo wat ervaring door het bezoeken van steden. Vooral over hoe het wel en niet moet. En als je ondertussen al zoveel stadhuizen, parlementsgebouwen en meer van die belangrijke pompeuze en altijd maar mooiere en betere gebouwen gezien hebt, lijkt het ook wel eens interessant om te kijken wat er rond de stad te doen is. Het toeval wil dat er rond Melbourne-central heel wat andere wijken zijn die ook in de reisgids beschreven worden. Doen dus.

En dat is hetgeen we maandag en dinsdag deden door te gaan kijken in East Melbourne & Richmond en South Yaharra.

Het oorspronkelijke plan van maandag (East Melbourne & Richmond) niks- park melbourne museum - koffie - strand werd al snel aangepast in functie van het te vriend houden van de oververmoeide spieren en om op tijd op het strand te geraken.
East Melbourne en Richmond bleek toch niet zo interessant. Het theatergebouw en het ACCA waren hele moderne en indrukwekkende staaltjes van hedendaagse architectuur. Het ACCA maakte het ons zodanig gemakkelijk dat we de ingang niet vonden. En dat werkte zodanig op mijn systeem dat ik besloot dat ze ons bezoek dan ook niet waardig waren. Als ze al zo speciaal gaan doen dat ze de ingang verbergen ... sjeezes.
We hielden ons voorlopig nog even braaf aan de route die in het boekje beschreven stond maar vonden de richting die ze ons uitstuurden uiteindelijk echt niet zo speciaal en begonnen lekker averrechts te doen door onze eigen gang te gaan.
Waardoor we uiteindelijk echt nog wel leuke plekjes vonden zoals het stadsmuseum en het park errond.
Verder hebben we die dag in schoonheid beindigd door op het strand het wegglippen van de warmte mee te maken. Het was heerlijk uitbollen met uitzicht op de zee.


Dinsdag (South Yaharra) beloofde het 37 graden te worden en ze maken er hier blijkbaar een punt van om hun beloftes waar te maken. Het voelde toch als 37 graden...
De ondertussen overgediplomeerde gids celine stuurde ons (haar, mezelf en de klotsende rugzak vol water) door een winkelstraat met verloren gegane glorie (dixit Lonely Planet). Het ene winkeltje naast het andere, een eigenaardige afwisseling van 2e handswinkels naast winkels met designer-kleding (kijken mag, kopen niet... we weten het), ijzerwinkels en fastfoodtentjes. Alles in gebouwen die hun beste tijd meestal wel gehad hadden. Een gevelrenoveerder zou hier zijn dagen nuttig kunnen vullen.
Nu ja, het was een beetje een teleurstelling omdat we ons er meer van hadden voorgesteld maar het had wel zijn charme en er liepen niet zoveel toeristen rond, wat gezien de warmte wel leuk was.
Ons marktje voldeed gelukkig wel aan de verwachtingen en met een zakje vol lekkernijen installeerden we ons in het parkje vlakbij en vielen we aan op ons middageten.
De temperatuur bleef ondertussen genadeloos stijgen, ons drinken was op en de nood aan iets fris zat hoog. De eerste de beste winkel ging aan onze dorstige blikken tenonder, het was uiteindelijke een ongeloofelijk (!) grote Indiase man die ons de verfrissing verkocht.
We gingen nog even langs een parkje vlakbij om in de schaduw krachten op te doen voor de terugtocht. In de tram was het drummen tussen alle mensen die op weg waren naar het strand, een deodorant-spray voor het instappen zou eigenlijk verplicht moeten zijn bij zo'n temperaturen.

Niet veel later hadden we ons ook als zogezegd die-hard zonnekloppers geinstalleerd op het strand. Ik hield het niet echt lang vol in de zon (de volle 5 minuten) en plonsde als een echte kikker het water in. En dat deed zo'n deugd dat ik er de eerste 15 minuten (ik was ook in gesprek geraakt met een Soemaleze Australische en als ik begin te babbelen...) niet wou uitkomen, waardoor Celine lichtjes ongerust begon te worden. Er zitten hier namelijk soms al eens haaien in het water en ze dacht waarschijnlijk al het ergste. Nu, als er al haaien zaten zouden die allicht afgeschrikt worden door de testosteron-bommen. Die maakten een zodanig kabaal dat ik -toen ze iets te dichtbij kwamen- het verstandiger vond om even de aftocht te blazen.
Celine gelukkig dat ik toch nog op deze aarde verbleef en ik blij omdat mijn lichaamstemperatuur al iets normaler was.
De rest van de strandperiode was het een kwestie van simultaan en regelmatig omdraaien om het bruinen wat gelijkmatig te laten verlopen. Ja, echte pro's doen dat dus zo.

HappyFeetDays

Vol overmoed begonnen we op zaterdag aan wat de eerste volle dag Melbourne bezoeken zou worden. Na de nodige voorbereidende massages van de spieren, de perfecte outfit te zoeken en te profiteren van een langzaam ontbijt ... was het inderdaad al ver voorbij de vroege ochtend eer we op pad waren.
Celine had voor de gelegenheid haar nieuwe schoenen aangedaan, tot grote spijt van haar hielen die als protest na 10 minuten mooie blaren vertoonden waardoor celine enkele vloeken aan het adres van de rotschoenen richtte. Melbourne staat bekend om zijn goede openbare vervoer en nu hadden we een reden om dat eens uit te testen: wij dus de tram op!
Eens aangekomen in city centrum wisten we waar al dat volk zat (op weg naar het centrum leek het nogal doods stil). Het eerste het beste straatje ingevlucht voor een koffie en toilet (leve de overvloedig aanwezige en propere publieke toiletten in Australie) om daar onze "route" uit te stippelen en celine's voeten onder handen te nemen.

Strompelend (celine) en huppelend (ik) trokken we richting shopping centre voor de cultuur. Echt waar! In het shopping center stond een oud gebouw waarrond ze het winkelcentrum hadden gebouwd. We hadden al snel door dat er in datzelfde shopping center ook een cinema was en dat ze daar 7 pounds draaiden, huppekee al meteen avondvullende activiteit gevonden.

De rest van de namiddag gevuld met een bezoek aan de impressionante stadsbibliotheek (je zou voor minder in deze stad willen studeren), de vele oudere stadsgebouwen, huizen en parkjes, afgewisseld met de klassieke grote wolkenkrabbers.
En voor we het wisten was het al tijd om naar de cinema te trekken en ons te onderwerpen aan het acteertalent van Will Smith.
Enkele uren later kwamen we met uitgelopen mascara en een voldaan gevoel buiten, een aanrader!
Het ergste van de hele dag was dan nog dat onze overmoed nog steeds recht stond en we ervan overtuigd waren dat het niet zover was om te voet van aan de cinema naar de hostel te keren.
Hadden we toen maar geweten wat we nu wisten...
Nee, zo erg was het niet; ik had gewoon zin om dat zinnetje eens te gebruiken. Ik gelukkig, jullie gelukkig :)

Waar het op neerkomt is dat we toen we 2u later eindelijk thuis kwamen onze voeten ons vervloekten en ik niet snel genoeg mijn bed innig kon omarmen. Zelfs met de opnieuw aanwezige harde muziek vertrok ik al snel voor een retourtje naar dromenland.


De volgende dag hadden we geleerd van onze fouten en had celine zelfs van tevoren een route uitgestippeld (ze kon niet meer slapen). Van voorbereiding gesproken!!
En dus ging het van tram op, tram af, naar een overdekt marktje, tram op, tram af en met het kaartje in de hand richting haven, south Melbourne.
Het bleek een schot in de roos aangezien celine zich had gehouden aan de Laure-succesformule: vers eten kopen op een marktje en dan naar het water en bootjes; t'is soms toch een lieveke :)
Je kan al raden dat toen ze vroeg of het een leuke route was er een big-smile als antwoord volgde.
De markt was een overdekte aaneenschakeling van kraampjes met voedingswaren, vanallesennogwat-rommel, kleren, ... We hadden er al snel als echte kenners de lekkerste dingen uitgekozen om later op de dag onze pic-nic mee samen te stellen.
Aan de haven aangekomen trokken we grote ogen door de flashy architectuur van de appartements/bedrijfsgebouwen die daar stonden. Duidelijk allemaal heel nieuw en futuristisch met toch genoeg groen EN ze zitten natuurlijk vlakbij het water, dus met watertaxi's op wandelafstand.
Na het afschudden van een rare meneer die ons veel te interessant vond (ik heb eens boos gekeken en hij deed van "kaiiit" en vertrok met zijn staart tussen zijn benen) en het oversteken van een leuke -zo mogelijk nog futuristischer dan de vorige gebouwen- brug bevonden we ons terug in het hart van de stad.
De rest van de wandeling ging via het water -na een tussenstop voor een panoramische uitkijk vanop het hoogste gebouw in Melbourne en een rustmoment op een bankje met de zalige zon op ons gezicht en gitaarspel op de achtergrond- naar de tramhalte.
Die avond waren onze voeten heeeeeel blij dat ze mochten rusten, stretchen was niet zo heel erg overbodig. Nota voor mezelf: volgende keer mag de reiscompagnon een massage-diploma hebben.

maandag 12 januari 2009

Raining&LeavingDays

Hobart leek die ochtend bij het ontwaken vies grijs, koud en regenachtig. Na dagen van mooi weer en prachtige uitzichten was het een groot contrast om in deze stad rond te wandelen. We liepen er in het begin dan ook maar verdwaasd bij.
Na de noodzakelijke 'long black' voor mij en 'cappuccino, 2 sugars' voor miss Celine konden we er al iets beter tegen, we zijn tenslotte niet echt onbekend met regenweer...
En zo komt die regenjas dan toch eens van pas :)
De mensen hadden wat om naar te kijken: ene voorzien van lonely planet op pagina "Hobart" en de andere met de camera in de hand. De ene las hetgeen geschreven stond voor en de ander legde dat gretig vast op tape, als herinnering voor het nageslacht (of voor op kortere termijn).

En zo gingen we van het ene straatje het andere in, hier en daar professionele commentaar gevend op de architectuur en een noodzakelijke stop makend aan een piepklein juwelenwinkeltje. Enkele dollars lichter terug naar de hostel voor de allerleukste activiteit: weeeeeeer pakken!

De volgende ochtend moesten we pijnlijk vroeg opstaan om onze vlucht te halen. Als echte professionele pakezels trokken we naar het ophaalpunt om met de shuttle-bus naar de luchthaven te gaan. Onze bagage geraakte deze keer gelukkig wel door de check-in, zonder nood aan herschikking.
Tegen 10u waren we al in Melbourne, een vriendelijke taxi-rit later klaar om onze laatste hostel-kamer met onze vrouwelijke charme in te nemen.
De hostel was een beetje overbevolkt waardoor de kamer nog niet klaar was. No worries voor ons, we gingen wel even om boodschappen en de innerlijke mens versterken.Een mens leert zich aanpassen en we zijn nu niet echt van de moeilijkste.

Even later besloten we er meteen in te vliegen en de verkennende wandeling door St Kilda's te maken. Jammer voor onze portemonnee maar die route bleek overvloedig bezaaid met de leukste winkeltjes. Het zal dan ook geen wonder heten dat we al na 20 minuten elk een paar schoenen hadden gekocht.
Hetgeen niet zonder slag of stoot gebeurde. Tussen vriendinnen (hoe oud de vriendschap ook is) kan het namelijk snel fout gaan als het gaat over een paar schoenen. Ik had het ene paar meteen gezien, celine was net een seconde te laat maar ook bij haar was het liefde op het eerste gezicht. We lieten de -knappe, ik geef het toe, dat helpt bij de verkoop- verkoper het favoriete paar schoenen halen in de maat van celine en het andere -ook wel heel mooie paar- halen in mijn maat. Ik vond mijn 2e keuze eigenlijk ook niet slecht en gunde ce het favoriete paar wel (ik begin ondertussen te beseffen vanwaar ik dat lieve imago haal) maar... om toch niet te gemakkelijk op te geven wou ik het favoriete paar ook wel eens passen. De "cutie" moest mij teleurstellen: ze hadden dat paar niet meer in mijn maat. Moraal van dit ongetwijfeld heel interessante verhaal: in wereldbelangrijke zaken zal het lot altijd de juiste keuze nemen!

Die avond waren we beiden redelijk kapot maar veel slaap was ons niet gegund. Op vrijdagavond gaat elk sociaal aanvaardbaar wezen hier volledig uit de bol... maar wij waren al van vroeg op pad en hadden meer nood aan een matras dan aan het overvloedig bewegen van ons lichaam op harde muziek.
Het had eigenlijk nog wel iets: vanop de matras kunnen genieten van de live-muziek (die helemaal nog niet zo slecht was, uitgenomen van het feit dat het een aaneenschakeling was van covers) vanuit het cafe onder ons, zonder de overdreven kreetjes en verlies van te veel haarcellen (beroepsmisvorming, ook op vakantie).
Maar ik was eerlijk gezegd wel blij toen ze om 2u45 besloten om mij te laten slapen, de lieverdjes.

zondag 11 januari 2009

HitTheRoadJacquelinesDays

Na een goede voorbereidende zaterdag waren we volledig klaar om ons in de auto te installeren en onze te tanden te zetten in de verschillende routes door Tasmanie.
De eerste route was de East Coast Rail, met als opzet om tegen het einde van de dag zo dicht mogelijk tot bij St Helens te raken.
Gewapend met goede cd's en voldoende voedsel ging het van 'Hit the road Jack' en ribbedebie waren we!
De zon was met ons en straalde gelukkig al wat minder hard toen we tegen 4u aan een wandeling door ons eerste nationale park begonnen. De natuur was hier natuurlijk mooi, anders zou het geen nationaal park zijn. Als echte berggeiten beklommen we de vele uit steen gekapte trappen naar wat een heel mooi uitzichtpunt zou zijn. En deze geiten werden door niet 1 maar 2 mooie panorama's beloond voor hun sportieve inspanning!

Tegen 6u begonnen we uit te kijken naar een slaapplaats. Joy. Eerst probeerden we het in een volgend nationaal park waar stond aangeduid dat er gratis camping was. Maar daar stond al 1 tentje en de bewoner van dat tentje antwoordde op Celine's vraag "Are you alone?" "Yes, peacefull" dus besloten we de lieve vrede te bewaren en hem peacefull alleen te laten.
We kregen het lumineuze idee om een omweg te maken naar St Mary's in de hoop daar dan wel een kampeerplaats te vinden. Na enkele bochten bleek St Mary's een echt bergdorpje te zijn: de weg ernaartoe bestond uit leuke draaimanoeuvres en de weg ervandaan (geen camping) bestond uit evenveel van die bochten. De moed zonk ons een beetje in de schoenen, scenario's als wildkamperen of in de auto slapen bleken al veel minder de 'vervanonsbedshow' ... Maar niet getreurd want dankzij onze culturele activiteit op dag 1 van 2009 stond het geluk natuurlijk aan onze zijde! We vonden dus een campeerplaats op een echte camping met aan de andere zijde van de baan de zee. Het controlerend gedrag van enkele andere kampeerders tijdens het koken om 21u30 namen we er zelfs zonder veel probleem bij, zo gelukkig waren we :)

Ochtenstond heeft goud in de mond, en deze ochtenstond had vooral ook veel bewolking, niet zo veelbelovend voor de rest van onze roadtrip. Maar een beetje wolken schrikken ons niet af en een koffie uit St Helen's later waren we zelf in de wolken met de ontdekking van een Bric-a-brac winkeltje langs de baan. Tussen het dichte woud stond een echt snuisterwinkeltje met tweedehandsboeken, de klassieke soevenirs en juwelen en doosjes uit vervlogen tijden.
Omdat het leven uit meer dan shoppen alleen bestaat was onze volgende stop een lavendelfabriek, de oudste private in Australie. De geur was lavendelachtig en de kleur al even lavendelaardig... het enige wat nog ontbrak was de lavendelsmaak waar we in de cafetaria graag een oplossing voor zochten in het lavendelijs, mjammie.

Enkele dollars armer was het weer van 'Hit the road...' en ging het richting Launceston om een bierbrouwer te bezoeken en nadien ons avondeten te maken op een publieke picnic-plaats in de wetlands (natuurreservaat). De brouwerij was gesloten tegen de tijd dat we daar waren en het reservaat beschikte niet echt over een simpel vuurtje ... met lege maag terug de weg op en het Jozef&Maria scenario kon weer herhaald worden.
We zijn in elk geval onbewust heel consequent in het zoeken van onze campeerplaats: ze moet goedkoop en uniek zijn! Voor 20 dollar (ik vond niet meteen 1 dollarcent dus dan moest het van die mevrouw al niet meer en was 20 ipv 21 ook goed) aan de oevers van een beekje... hoe idyllisch kan het zijn?
Ons enige probleem was nu nog ons eten en in celine's geval dan vooral de noodzakelijke puree die bij de kip&appelmoes hoorde. Met puppy-ogen klampte ze onze buur aan om zijn gasvuurtje te mogen lenen zodat we wat water konden koken. En ze slaagde natuurlijk in haar opzet. De puree bleek uiteindelijk toch niet zooooo lekker ....

De volgende dag waren we onze tent bijna kwijt door de hevige wind die hier continu waait (en de voorkant stond open en we gebruiken geen piketten), van een spannend begin gesproken!
Gelukkig verliep de rest van de dag iets rustiger: we bezochten een kaasfabriek en reden verder naar de Cradle Mountains. De Cradle Moutains lagen verstopt in een dik pak mistige wolken en van zodra we in de buurt kwamen van het nationale park werden we overvallen door van die vieze miezerregen, bahbahbah. Bon, tegen de tijd dat we daar aankwamen hadden we tenminste onze ruitenwissers ook eens laten werken. Maar echt veel zin om daar een deftige wandeling te doen, hadden we niet echt. Ons gebrek aan inzet zorgde voor een snelle wandeling naar het meer en terug, onszelf -en de andere wandelaars- entertainend door te zingen en te dansen in de regen.
Het tekort aan sportiviteit werd nadien gecompenseerd door een wandeling -in de zon- van een uitzichtpunt langs de kustlijn naar de vuurtoren in een stadje waarvan ik de naam nu net kwijt ben. Die avond begonnen we iets vroeger aan de zoektocht naar een slaapplaats, waardoor we ook eens wat meer van onze avond konden profiteren. De camping was de mooiste tot nu toe, met een echt deftige 'kampkitchen'. Het was een camping van The Lions-club, waardoor celine al meteen veronderstelde dat het wel een heel dure zou zijn. Die veronderstelling bleek al meteen serieus fout want we betaalden maar 12 dollar voor wat onze mooiste plaats ooit bleek: vlak achter de duinen met uitzicht op de zee...

Met pijn in het hart braken we de volgende dag de tent af en gaven hem een statige begrafenis in de container, hij had zijn dienst bewezen. De lange route naar Hobart kon beginnen via de Heritage Highway. Op deze route waren er heel wat minder impressionante uitzichtpunten dan op de voorgaande routes, maar de foto's die we de voorbije dagen verzameld hadden zouden toch voldoen als aandenken aan het mooiste deel van Australie.
Onderweg nog gestopt op een oud landgoed met intacte gebouwen en een hele mooie rozentuin -de glasfabriek waren we voorbij gereden- om toch ook die dag ons uur cultuur te hebben.

We kwamen enkele honderden kilometers later ruimschoots op tijd toe in Hobart, checkten in en reden de auto na de carwash -waar ik het tijd vond om de bumper van de wagen achter mij eens te rammen- terug naar de garage. Daar bleek het aantal gereden kilometers veel hoger te liggen dan hetgeen we hadden mogen doen, wat ons een hele hoop dollars zou kosten. Of het aan onze geschokte blik of aan onze natuurlijke charme ligt weet ik niet, maar de sympathieke kerel heeft er in elk geval voor gezorgd dat we uiteindelijk minder dan de helft van het oorspronkelijk op te leggen bedrag moesten betalen. Ja ... we spaarden hier tijdens de afgelopen weken zonder het te vragen al behoorlijk wat geld uit! Voor tips & trics: deelnemen aan onze workshop "Puppy-ogen combineren met geschokte blik- voor beginners" kan nog steeds.

Die avond trakteerden we onszelf geheel volgens de lokale traditie op fish & chips, klaargemaakt door enkele jonge kerels die al rockend op hitjes van Queen stonden te "koken", ... die we uiteindelijk met lange tanden opaten. Gefrituurde vis is blijkbaar toch niet echt aan ons besteed, de meeuwen keken anders wel happig toe.

ByebyeSydneyHelloHobartDays

We hadden het nu wel gehad met deze impressionante stad, met haar hoge gebouwen en overvriendelijke mensen, vele bootjes en winkels. Een mens zou van minder een verstikkend gevoel krijgen en de nood voelen om toch het ruime sop te kiezen en andere oorden op te zoeken.
Dus gaf ik Celine de instructie om haar backpack te pakken terwijl ik nog wat winkeltjes ging aflopen in de hoop dat ze klaar zou zijn met het schikken en herschikken tegen de tijd dat ik terug was. Hoop doet naar het schijnt leven. Maar Celine was nog niet klaar toen ik terug was en omdat ik op deze 2e dag van het nieuwe jaar niet weer gewoon niets kon doen kreeg ik er een beetje de zenuwen van en besloot om dan maar al mijn gerief naar buiten te verhuizen en hem daar dan te pakken.
Na een beetje geprop en aanstampen pasten zelfs de meest weerbarstige kledingstukken in de rugzak en toen ook die van celine overladen was konden we afscheid nemen van onze buren en vertrekken met de noorderzon!

Op de luchthaven bleek dat de positieve straling enkel geldde in Sydney City want onze zakken bleken overladen. Er zat niets anders op dan de zwaarste stukken te verhuizen naar de handbagage en regelmatig de backpack te wegen om het gewicht te checken. Als echte strateges kozen we een andere balie bij de 2e poging tot check-in en al vinger kruisend geraakten we -met duidelijk veel te zware handbagage- zelfs door de security .

Enkele uurtjes later zaten we al in Hobart in onze rode auto -tot groot genoegen van Celine, de 'alles roodkleurig is mooi' persoon- Maria&Jozef gewijs te zoeken naar een slaapplaats.
Enkele bordjes 'No Vacancy' later vonden we toch een goedkoop kampeerplaatsje en konden we ons snel installeren om dan een andere zoektocht te starten: die naar eten.
Voorbereid als we waren, hadden we enkel spaghetti maar geen saus. En het dorpje -Richmond- waar onze camping was kon ons niet veel meer aanbieden aangezien alles na 21u daar sloot.
Gewapend met ons meest zielige gezicht en puppy-ogen moesten we proberen om de dame aan de check-in te overtuigen om ons van enig eetbaar voedsel te voorzien. Meester-actrices als we zijn (hoewel hier niet zoveel te acteren viel, onze honger viel van onze gezichten af te lezen) slaagden we in onze opzet waardoor we enkele minuten later konden smikkelen van spaghetti met een rood sausje. Tussen duits-, frans- en engelstaligen ... hetgeen op zo'n laat uur heel vermoeiend is als je probeert om van elke conversatie iets te verstaan :)

De volgende dag werden gewekt door de wekker op een degelijk uur, maar besloten we na een korte woordenwisseling "Oh nee, het regent... Verder slapen? Hier nog een nachtje kamperen? Ok. Slaapwel" dat die niet echt veel autoriteit had.
Gelukkig was het enige uren later toch opgeklaard en konden we linksrijdend naar een fruitboerderij om ons van ontbijt te bedienen. Aangesterkt door lekkers besloten we eens voor fruitplukkers te spelen, wat een hele leuke activiteit bleek. 1 uur later en 1kg fruit rijker waren we klaar om de Pirates Bay te gaan opzoeken en wat oude cultuur op te snuiven.

In dit deel van Tasmanie (Port Arthur) verbleven (ok, ze werden eigenlijk gevangen gehouden) heel wat gevangenen die als werkkrachten werden ingezet om onder andere wegen aan te leggen. Hiervan konden we langs de weg nog restanten zien zoals het huis van een commandant en de hokjes van de honden die patrouilleerden. We dompelden ons onder in het leven van de gevangen van die tijd en waren maar wat blij dat we zo'n onschuldige zieltjes hebben. Met cultuur komt ook altijd wel wat natuur, hetgeen we op regelmatig tijdstip konden vaststellen en waardoor we zo ongeveer om het kwartier eens stopten om een foto te nemen.
We waren bovendien zodanig blij dat we weer in een auto zaten en ons eigen ding konden doen dat we besloten om dezelfde route twee keer te doen en dus gewoon in een cirkeltje te rijden. Alles volgens plan.